Schelpen gezocht!

Als je wel eens op het strand komt heb je ze vast wel eens gezien: schelpen. Ze zijn er in allerlei verschillende soorten en maten. Maar wat is een schelp nou eigenlijk?

In schelpen wonen diertjes. Deze diertjes heten weekdieren, en die zijn heel zacht. Het enige harde deel is hun schelp: Ze hebben dus geen botten. Een slak is bijvoorbeeld ook een weekdier. Ze maken van kalk een huisje om hun zachte lichaam te beschermen. Als het diertje doodgaat blijft zijn huisje over: Dat is een schelp. Aan de huisjes kun je nog zien wat voor dier erin heeft gezeten

Hoe werkt deze les?

Zie je links in beeld al die kopjes onder elkaar staan? (Eerst 'Schelpen gezocht!', dan 'Hoe verzamel ik schelpen' enz.) Die kopjes zijn er om te laten zien waar je bent in de les. Zie je het pijltje staan bij 'Schelpen gezocht!'? Daar ben je nu.

De les gaat van boven naar onder. Als je klaar bent met het lezen van een pagina, ga je dus naar het kopje eronder. Als je klaar bent meet deze bladzijde, kan je dus verder met 'Hoe verzamel ik schelpen'.

Hoe verzamel ik schelpen?

Deze les is het leukste als je zelf schelpen verzameld hebt. Maar hoe doe je dat nou, schelpen verzamelen?

Het strand is de beste plek om schelpen te zoeken. Er zijn goede stranden tussen Scheveningen en Hoek van Holland, en op de Waddeneilanden. Als je goed zoekt, kan je veel verschillende soorten vinden. De schelpen die je op het strand vindt, zijn van dode dieren. Het is dus niet erg om die mee te nemen. Als je schelpen ziet die aan een steen vast zitten, is het het beste om die te laten zitten. Die schelpen leven nog.

Om schelpen te verzamelen, moet je een aantal dingen meenemen. Zorg ervoor dat je goed aangekleed bent en een petje ophebt, anders verbrand je.  Neem een emmer mee om alles in te bewaren. Neem ook een oude tandenborstel mee om de schelpen schoon te maken. Als je het leuk vindt, kun je ook een notitieblok en een pen mee nemen, om op te schrijven waar je je schelp gevonden hebt en of het eb of vloed was.

Wat weet je al over schelpen?

Misschien kom je heel vaak op het strand. Misschien heb je wel eens schelpen gegeten. Deze quiz is bedoeld om te testen wat je al van schelpen weet. Probeer de vragen maar eens te beantwoorden!

Test je kennis

Zoekkaarten

Met de schelpen die je verzameld hebt, ga je een een zoekkaart maken. Een zoekkaart is (zoals het woord al zegt) een kaart waar je iets op kan zoeken. Een zoekkaart gebruik je als je bijvoorbeeld wil weten wat de naam van de plant is die buiten de klas groeit. Door een aantal vragen te beantwoorden kun je met een zoekkaart makkelijk de naam vinden.

Eerst ga je een zoekkaart bekijken. Met dit voorbeeld kan je leren hoe een zoekkaart werkt. Daarna ga je je eigen zoekkaart maken, met schelpen. Klik snel verder!

Een zoekkaart bekijken

Hieronder zie je een zoekkaart. Deze is niet voor planten of dieren, maar voor snoepjes! Stel je voor: Je komt een snoepje tegen dat je nog niet kent! Met deze zoekkaart kan je proberen om de naam van het snoepje te vinden. Natuurlijk staan niet alle snoepjes op de wereld erop. Dit zijn alleen de belangrijkste soorten.

Probeer het een keer uit! Neem een snoepje in gedachten, en volg de vragen op de zoekkaart. Als het goed is kan je de naam van het snoepje vinden. Lukt het niet? Misschien heb je zo'n speciaal snoepje bedacht, dat hij niet op de zoekkaart staat. Probeer het maar.

Zoek je snoepje door de vragen te beantwoorden. Begin bij START en kies steeds Ja of Nee. Als je de vraag niet kan lezen, houd dan je muis er even op stil, dan verschijnt de vraag vanzelf.

Is het gelukt? Als je de zoekkaart genoeg hebt uitgeprobeerd, gaan we eens even kijken of je het snapt.

Een zoekkaart maken

Nu gaan we onze eigen zoekkaart maken. Dat gaat zo:

Stap 1: Pak alles wat je nodig hebt voor ja. Dat zijn: Je schelpen, een groot vel papier, iets om mee te tekenen, de snoepjes-zoekkaart als voorbeeld en de lege invullijst (Die krijg je van je juf of meester)

Stap 2: Zorg dat op elke schelp een nummertje staat. Vul die nummers in op de lijst.

Stap 3: Verzin voor elke schelp een goede naam (Als je de echte naam weet mag dat ook). Vul die naam in bij het goede nummertje op de lijst.

Stap 4: Kijk goed naar je schelpen. Wat zijn de verschillen? Zijn er ook schelpen die bij elkaar horen? Probeer of je groepjes kan maken.

Stap 5: Verzin nu je vragen. Verzin eerst een vraag die de groepjes uit elkaar haalt. Bij snoepjes heb je bijvoorbeeld een groep snoepjes met chocola, en een groep snoepjes zonder chocola. De vraag die daarbij hoort is: Zit er chocola in je snoepje? Zo kan het ook met schelpen. Schrijf je vragen op.

Stap 6: Nu gaan we op het papier tekenen (eerst met potlood). Maak eerst een "START" zodat mensen weten waar ze moeten beginnen. Zet daarna de vraag neer die de groepjes uit elkaar haalt. Maak een pijl met "JA" en een met "NEE". Zet daarna je andere vragen op de goede plek neer. Uiteindelijk kom je uit op de naam die je voor je schelpen bedacht hebt.

Stap 7: Kijk goed of je zoekkaart klopt. Hebben alle schelpen een goed plekje gekregen? Kom je op de goede schelp uit als je hem volgt?

Stap 8: Maak je zoekkaart af met stiften of kleurpotloden. Maak hem zo mooi als je wilt.

Ruilen

Nu is het tijd om je zoekkaart te testen. Werkt hij ook echt? Komt iemand anders ook bij de goede schelp uit? Dit is je kans om het te controleren.

De zoekkaart uitwisselen

Ruil je zoekkaart en je invullijst nu met die van iemand anders. Jij mag de kaart van de ander uittesten! Kies een schelp en beantwoord alle vragen. Je komt uit bij de naam van een schelp. Draai nu je schelp om. Achterop staat een nummertje (Of, als je een plaatje hebt, onderin het plaatje). Kijk in de lijst of het nummertje klopt met de naam die je gevonden hebt. Als het klopt, dan werkt de zoekkaart goed. Klopt hij niet, dan zit er een foutje in.

Extra materiaal

Als je klaar ben met alle opdrachten, is er nog een leuke teken-opdacht die je kan doen. Let op, dit is een extra opdracht!

Extra materiaal

Heb je tijd over? Je kunt je juf of meester om een tekenpapier vragen. Teken je eigen schelp, gebruik je fantasie! Als je klaar bent, kun je hem in je zoekkaart plaatsen. Mensen die niet weten hoe jouw fantasieschelp heet, kunnen het vinden door je zoekkaart te gebruiken!

Als je meet wilt weten over schelpen, staan hieronder dingen die je kunt bekijken. Er is namelijk ook een aflevering van het klokhuis over schelpen.

Schelpdieren bij het klokhuis

Docentenhandleiding

Docentenhandleiding les schelpendeterminatie

 

Doelgroep: groep 7-8 basisonderwijs

Leerstofgebied: Natuur/Rekenen

Werkvorm: digitaal, groepswerk of individueel (max. 3 leerlingen per groep); klassikaal

Duur: 1 lesuur (45 minuten). Eventueel is de les ook individueel te maken door kinderen die extra verdieping nodig hebben.

 

Aansluiting op het curriculum (kerndoelen)

Kerndoel 40:

De leerlingen leren in de eigen omgeving veel voorkomende
planten en dieren onderscheiden en benoemen en leren hoe ze functioneren in hun leefomgeving.

à planten en dieren zijn op basis van kenmerken in te delen in soorten

 

Kerndoel 6

De leerlingen leren informatie en meningen te ordenen bij het lezen van school- en studieteksten en andere instructieve teksten, en bij systematisch geordende bronnen, waaronder digitale bronnen

à schema's als vendiagram om overeenkomsten in beeld te brengen, pijldiagram voor oorzaak-gevolgrelaties, boomdiagram, middel-doelschema's,

 

Vereiste voorkennis (Beginsituatie)

De kinderen zijn enigzins bekend met schelpen (Ze hebben ze al eens eerder gezien). Voorkennis van een zoekkaart is niet nodig.

 

Doel van de opdracht

Proces:

  • De kinderen oefenen met het vinden van de goede naam aan de hand van een zoekkaart
  • De kinderen maken kennis met verschillende soorten schelpen

Product:

  • De kinderen kunnen aan het eind van de les vertellen hoe je een zoekkaart kan maken op basis van onderscheidende kenmerken

 

Materiaal:

  • PC + internet
  • Een groot papier voor ieder kind (of groepje)

Suggesties:

  • Verschillende soorten schelpen
  • Digibord + beamer (voor inleiding en zoekkaart)
  • Documenten uit de opdracht geprint voor elke groep (zoekkaart, invulbladen)

Klik hier voor de uitgebreide docentenhandleiding

Aan deze les wordt nog gewerkt

Wist je dat...?

Sommige schelpdieren (zoals de kokkel) hun leven lang in het zand ingegraven blijven? Hij graaft met een hele sterke spier. Die spier heet de voet van het schelpdier.

Wist je dat...?

Veel schelpen die je op het strand vindt maar halve schelpen zijn? 'Tweekleppige' schelpen bestaan uit twee klepjes. Als het schelpdier doodgaat raken die twee kleppen los van elkaar. Daarom vindt je op het strand vaak de losse klepjes (En dus maar de helft van een hele schelp).

Wist je dat...

Het huisje van een slak ook een soort schelp is?

In de zee leven ook soorten slakken, dus ook op het strand kan je schelpen vinden, waar vroeger een slak in heeft geleefd.

Wist je dat...?

De Romeinen heel vroeger ook al schelpen aten (Vooral oesters).

Wist je dat...?

er in musuem Naturalis een heleboel fossielen van schelpdieren zijn?

Wist je dat...?

Schelpen ademen met een soort kieuwen? Met deze kieuwen eten ze ook: ze filteren kleine plantjes en diertjes (plankton) uit het water.

Wist je dat...?

Sommige schelpen (zoals de wijde mantel) kunnen zwemmen? Ze doen hun schelp open, en dan met een ruk weer dicht, en zo schieten ze vooruit in het water.

Wist je dat...?

Inktvissen (ook een soort weekdier) een schelp aan de binnenkant hebben? Deze plaatjes spoelen ook aan op het strand en worden ook wel 'zeeschuim' genoemd.

Wist je dat...?

Schelpen al heel lang bestaan? Op het strand van Schiemonnikoog spoelen nog wel eens schelpen aan van 100.000 jaar oud!

Wist je dat...?

Schelpen eitjes leggen?

Wist je dat...?

De baby's van tweekleppige schelpen nog helemaal niet op hun ouders lijken? Ze zijn een soort schijfje met haartjes dat door het water zwemt. Pas later wordt de schelp gevormd.