Wat ga je doen?

Deze les gaat over de ontwikkeling van het leven op aarde.

Dat leven ontstond 3800 miljoen jaar geleden. Heel langzaam werd dat leven steeds ingewikkelder. De aarde raakte bevolkt door allerlei levensvormen. Ze kwamen en gingen. Sommige bleven bestaan. Algen, vissen, planten, reptielen, dinosaurussen, zoogdieren... En de mens natuurlijk.

We doen onze ontdekkingstocht aan de hand van fossielen.

Ichthyosaurus of vishagedis, een reptiel. 200 tot 144 miljoen jaar oud
Ichthyosaurus of vishagedis, een reptiel. 200 tot 144 miljoen jaar oud

Wat is een fossiel?

Hoe ontstaan fossielen? Kijk maar eens naar de volgende animatie:

Hoe ontstaat een fossiel?

Hoe lang is er al leven op aarde?

De oudste steen op aarde
De oudste steen op aarde

Op de tijdlijn hierboven zie je dat de aarde zo'n 4,6 miljard jaar geleden is ontstaan. Ze begon haar leven als een gloeiende gasbol. De wereld was vol vuur en lava. Heel langzaam koelde onze planeet af. De aardkorst ontstond; in het Museon vind je het oudste stukje van deze aardkost: een steen van 4200 miljoen jaar oud.

De oudste fossielen die we hebben gevonden zijn ongeveer 3 miljard jaar oud. Ook dat zie je op de tijdbalk. Wat dat voor fossielen zijn? Beslist niet van een dinosaurus, plant of vis.

Het lichaam van mens, dier of plant bestaat uit cellen. Een cel is het kleinste onderdeel van je lichaam. Je kunt een cel vergelijken met een legosteentje. Met lego kun je eindeloos veel verschillende dingen bouwen. Maar je hebt natuurlijk wel meer dan één steentje nodig. Het allereerste leven op aarde bestond uit maar één cel. Uit één legosteentje dus! Dat leven was nog heel primitief. Het duurde nog miljoenen jaren voordat er meercellig leven ontstond. We zetten het op de tijdbalk:

Deze museumles gaat vooral over het laatste kleine, groene stukje van de tijdbalk.

Ontwikkeling van het leven

In de oceanen ontstond 3800 miljoen jaar geleden het allereerste leven. Heel langzaam werd dat leven ingewikkelder. De aarde raakte bevolkt door allerlei levensvormen. Ze kwamen en gingen. Sommige bleven bestaan. Algen, vissen, planten, reptielen, dinosaurussen, zoogdieren... En de mens natuurlijk.

We gaan nu onderzoeken hoe het leven op aarde zich precies heeft ontwikkeld.

Dit is het fossiel van een Coelacanth, een soort vis, meer dan 400 miljoen jaar oud.
Dit is het fossiel van een Coelacanth, een soort vis, meer dan 400 miljoen jaar oud.
Zo ziet de coelacanth er nu uit. Hij bestaat dus nog steeds. De coelacanth noemen we daarom een levend fossiel.
Zo ziet de coelacanth er nu uit. Hij bestaat dus nog steeds. De coelacanth noemen we daarom een levend fossiel.

3800 - 543 miljoen jaar geleden

Moeilijke woorden

Het eerste leven

Stromatolieten in West-Australië. Foto: Ruth Ellison (Creative Commons)
Stromatolieten in West-Australië. Foto: Ruth Ellison (Creative Commons)

Zo'n 3800 miljoen jaar geleden onstond in de oceanen het eerste leven.
De allereerste levensvormen waren zo klein dat ze bijna geen sporen hebben nagelaten. De eerste echte fossielen die we hebben gevonden, zijn stromatolieten. Deze levensvormen zijn zo’n drie miljard jaar geleden ontstaan, maar ze bestaan nog steeds. Het zijn dus levende fossielen.

 

 

 

 

542 - 251 miljoen jaar geleden

Moeilijke woorden

542 - 488 miljoen jaar geleden

542 - 488 miljoen jaar geleden: een explosie van leven

In de oceanen waren rond deze tijd de meeste diergroepen die we nu nog kennen aanwezig: wormen, schelpdieren, geleedpotigen en de eerste gewervelde dieren. Het land was nog leeg, alleen langs de kust groeiden wieren.

488 - 444 miljoen jaar geleden

488 - 444 miljoen jaar geleden: steeds meer leven

In deze periode was het land nog leeg en rotsachtig, met kale zand-, grind- en kleivlakten.
In de ondiepe kustwateren breidde het leven zich steeds meer uit. Zeeschorpioenen kwamen veel voor en werden bijzonder groot. 

Pantservissen
Pantservissen

Vissen waren kaakloos en van buiten bepantserd. Ze leken nauwelijks op de vissen van tegenwoordig. Ze waren klein, niet groter dan haringen.

444 - 416 miljoen jaar geleden

444 - 416 miljoen jaar geleden: de verovering van het land

Het land was nu een beetje minder kaal. Op natte plaatsen langs de zeeën, rivieren en meren kropen dieren rond die op spinnen leken.

Eerste leven op het land
Eerste leven op het land

Later verschenen de eerste landplanten. Zij moesten zich beschermen tegen uitdroging. Om water in alle delen van de plant te krijgen, ontwikkelden ze een vatensysteem. Veel hedendaagse planten, zoals varens, hebben dit systeem ook. De vaten zorgden ook voor stevige stengels, zodat de planten niet omvielen. Door speciale voortplantingsorganen met sporen konden deze planten zich buiten het water verspreiden. Ze leken veel op hun voorouders, de algen, die in het water overheersten.

416 - 359 miljoen jaar geleden

416 tot 359 miljoen jaar geleden: verandering in de lucht

Er kwamen steeds meer landplanten. Daardoor kwam er steeds minder koolzuur en steeds meer zuurstof in de atmosfeer. De plantwortels die de bodem binnendrongen, veranderden de samenstelling van de bodem. Amfibieën en geleedpotigen zoals spinnen en insecten kropen verder het land op, maar voortplanten gebeurde nog steeds in het water.

359 - 300 miljoen jaar geleden

359 tot 300 miljoen jaar geleden: exotische wouden

"Schubbenboom", in 1911 getekend door de Nederlandse onderwijzer en natuurbeschermer Eli Heimans. De boom kon wel 30 meter hoog worden.
"Schubbenboom", in 1911 getekend door de Nederlandse onderwijzer en natuurbeschermer Eli Heimans. De boom kon wel 30 meter hoog worden.

Exotische wouden met boomvarens strekten zich uit over het landoppervlak. Net achter de kusten en op plekken waar rivieren in zee uitmondden, lagen enorme moerassen. Afgestorven planten zonken naar de bodem, waardoor dikke lagen veen ontstonden. Hier ligt de wieg van onze steenkool.

Insecten en amfibieën bevolkten de moerassen. Op drogere plaatsen verschenen de eerste reptielen. De eerste planten met echte wortels verschenen. De meeste planten hielden zich staande met steunwortels.

 

 

 

 

 

300 - 250 miljoen jaar geleden

300 tot 250 miljoen jaar geleden: een megaramp

In deze tijd groeiden de eerste gingko's. Nu bestaan ze nog steeds. Foto: Luis Fernández García (Creative Commons)
In deze tijd groeiden de eerste gingko's. Nu bestaan ze nog steeds. Foto: Luis Fernández García (Creative Commons)

Het klimaat was nu heel erg droog. De amfibieën waren over hun hoogtepunt heen. Een nieuwe groep landdieren verscheen, de reptielen. Deze dieren waren niet afhankelijk van water voor hun voortplanting. Een harde beschermende schaal beschermde de dieren tegen uitdroging. Ze konden in tegenstelling tot vroeger levende landdieren hun kop optillen en ze konden ook grotere afstanden afleggen dan amfibieën.

Door de droogte nam het aantal boomvarens af. In hun plaats kwamen naaldbomen. Een bekend voorbeeld is de Ginkgo, die nu nog steeds bestaat.

Aan het eind van deze periode zien we plotseling grote veranderingen. Een enorme ramp zorgde ervoor dat zeventig procent van alle soorten die op het land leefden uitstierf.

250 - 65 miljoen jaar geleden

Moeilijke woorden

250 - 200 miljoen jaar geleden
250 - 200 miljoen jaar geleden

250 miljoen tot 200 miljoen jaar geleden: de eerste dino's en zoogdieren

Rond deze tijd verschenen de eerste zoogdieren en ….. de dinosaurussen. Op het land groeiden varens. Ook kwamen er steeds meer naaldbomen. 

Pootafdruk van Grallator, een dinosaurus uit deze periode
Pootafdruk van Grallator, een dinosaurus uit deze periode

Ook de zee veranderde. Inktvissen in hun zelfgemaakte behuizing bevolkten de zeeën van de bodem tot aan de oppervlakte. Tussen de vele ammonieten zwommen nu ook beenvissen, die erg leken op de vissen van nu. 

200 tot 144 miljoen jaar geleden: de dino's heersen

In deze periode, waarin de dinosaurussen overheersten, verschenen de eerste krokodillen, de eerste vogels en de vliegende reptielen, de Pterosaurussen. In de zeeën zwommen Plesiosaurussen en Ichthyosaurussen.

Deze tijd noemen we Jura. De titel van de film Jurassic Parc komt hier vandaan!

In de zee zwommen ammonieten...
In de zee zwommen ammonieten...
... en Ichthyosaurussen.
... en Ichthyosaurussen.
144 - 65 miljoen jaar geleden

144 tot 65 miljoen jaar geleden: het rijke leven

Ondiepe zeeën overspoelden grote delen van de vroegere continenten. Dode algen vormden dikke lagen krijt; daarom ook noemen we deze periode het "Krijt". De zee was rijk aan leven, en dat leven leek al op dat van nu. Op het land waren reptielen, insecten en bloemplanten uitbundig aanwezig en er verschenen steeds meer soorten vogels en kleine zoogdieren.

Aan het eind van het Krijt stierven veel soorten uit, van grote dinosaurussen tot de kleinste zeediertjes. Waarschijnlijk was de inslag van een enorme meteoriet hiervan de oorzaak.

Vanaf 65 miljoen jaar geleden

Moeilijke woorden

65 - 1,8 miljoen jaar geleden

65 tot 1,8 miljoen jaar geleden: tijd van de reuzen

Reconstructie van Andrewsarchus in het Museon
Reconstructie van Andrewsarchus in het Museon

Op de plek waar nu de Verenigde Staten liggen, werden ongeveer 50 miljoen jaar geleden grote delen van de aarde omhoog gestuwd. De rocky Mountains ontstonden. Ten oosten van dit gebergte werd een ondiepe zee gevormd. deze zee is inmiddels opgedroogd en biedt in het midden van de Verenigde Staten een schat aan zeefossielen.

Op het land begon de planten- en dierenwereld op de huidige te lijken. In het landschap leefden reusachtige loopvogels en allerlei reuzenvormen van zoogdieren, zoals de andrewsarchus.

1,8 miljoen jaar geleden - nu

Vanaf 1,8 miljoen jaar geleden: de mens aan de macht

Reconstructie van een Neanderthalervrouw
Reconstructie van een Neanderthalervrouw

De Homo sapiens sapiens oftewel moderne mens ontwikkelde zich pas 50.000 jaar geleden. De voorouders van de moderne mens ontwikkelden zich echter tussen drie en vijf miljoen jaar geleden. Uit deze voorouders ontstonden ook de uitgestorven Neanderthaler en Cro-magnon man.

Sinds Darwin zien wij onszelf als een wezen dat hoort bij de primaten of opperdieren, zoogdieren, vierpotigen, gewervelden of chordadieren. Zeker niet als een vis. Wij hebben geen vinnen en verdrinken onder water. En toch… We zien er niet erg visachtig uit, maar als we ver genoeg terug gaan in de evolutie leidt het spoor naar de beenvis. Wij zijn beenvissen.

Test jezelf